Dagboek Henny van Oosterhout  deel 4   oct'46/ nov.'46


Zaterdag 5 october 1946
We hadden vanmorgen al het gereedschap bij een gezocht, om de rest van de rest van onze beschermwal rond onze tent af te maken zodat we beveiligt zijn tegen rondvliegende mortier of granaat scherven,  toen we om 9.00 uur bij het "Peerd" moesten komen. Hij zei dat we moesten stoppen met werken.
Vanmiddag een verkenningpatrouille naar "Penepen" met sergeant Krikke. We namen stelling onder aan de voet. Ik zag duidelijk de vijand op en neer lopen. Ze hadden de 1e sectie al gezien, die al verder naar voren was.
Ik had de Bren al op scherp staan om gericht dekkingsvuur af te geven voor de 1e sectie. Toen kregen we bericht: “opdracht vervuld” en gingen snel terug, want we verwachtten mortiervuur, dat  evenwel uit bleef. Via Wringitoeloe gingen we weer baliback.
Onderweg had Adje Schoonen een koelie-hoed gevonden en die op zijn kop gezet wat een stom gezicht was.  Adje met zijn dikke kop en een plopperhoed op. Om 16.00 uur waren we weer in ons bivak.  Vlug gewassen en de rest van de avond met ruig geklets doorgebracht  En later ons tampatje opgezocht. Maf ze. 
 
Zondag 6 oct '46
Vanmorgen naar de kerk geweest. De aalmoezenier is in ons bivak de mis aan het doen. Het is weer lang geleden. Ook gebiecht. De rest van de morgen mijn oude brieven na gekeken een deel vernietigt. Het waren er heel wat.
Om 16.30 h gaat de 24 uurs wacht in en ik had nu al veel slaap.  Dat word vannacht worstelen met de beer.Ook daar zijn we toch goed door gekomen. 
 
Maandag 7 october '46
Vanmorgen naar de tandarts geweest.  Mijn gebit was oke. Ik moest tot 14.00 uur in de stad rond lummelen Toen kreeg ik wat in mijn oog. Het doet niets als tranen en is zeer pijnlijk en de dokter kon niets vinden. 
Om 14.00 uur ben ik weer naar het kamp terug gegaan met de truck en heb me door de hospik laten behandelen aan mijn oog.  ‘s Avonds weer spoelen. Ik was er beroerd van als een hond en had het oog afgeplakt  Ben om 18.00 uur naar bed gegaan. Misschien is het morgen beter.
 
Woensdag 9 oct 1946 " hinderlaag"
Vanmorgen wat geprutst. Om14.00 uur op patrouille naar Kali-aleng om te observeren. Daar de kali overgestoken. De 1e sectie bleef achter voor dekking. We hadden een paar man gezien en die wilden we te pakken zien te krijgen. We hadden de kampongrand bereikt. We namen stelling aan de westrand.  Er lag voor mij een ravijn van 40 meter diep. De heuvelrand liep steil omhoog afstand plm 100m. 
Plotseling klonken verscheidene schoten links van mij.  Riny Hellemons daar voor ons op de berg riep hij mij toe. Ik liep op een boom toe en kon op een tak mijn Bren in stelling brengen staande weg. Ik  zag er verscheidene ploppers op de rand van hun stelling staan. Schoot roffel met de bren op die twee. Waarschijnlijk heb ik ze geraakt.  Nu klonken overal schoten om mij heen. Onze 2 inch mortier kwam ook in actie. Die mortiergroep lag 4 m links van mij. Wim Scholte was de Schutter. 
Dries Timmermans lag naast Wim en Wietse.  Ze hadden al verscheidene granaten verschoten terwijl ik vuurstoten af gaf met de bren. Ik hoorde plotseling een slag  en kijk even naar links en zie Wim terug vallen door een explosie en Dries zie ik zijdelings omvallen. Hij schreeuwde het uit.
Mijn eerste gedachte was helpen, maar dat kon niet  en vuurde door. De adjudant en Sijen gaven hem een noodverband. Ik hoorde later dat Dries tegen Wim zei, die naast hem lag, dat hij zijn vrouw en kind moest groeten en dat hij het niet meer zou halen. Hij had een gat in zijn borst en in zijn rug er uit. Zijn rechter long was geraakt. 
Toen Wim bij zijn positieven kwam, schoot hij rood, groen, rood signaalgranaten af. Voor ondersteuningsvuur voor de 3inch mortieren in het bivak en 2 rood "hulp" Een paar minuten later werd de stelling van de vijand bezaait met zware mortiergranaten en de granaten lagen goed. Ik gaf nog steeds dekkingsvuur af. De jongens hadden vlug een nooddraagbaar gemaakt en Dries werd naar achtergebracht naar de dekkingssectie. Wij bleven met 6 man achter om de dragers te dekken en de gewonde Dries. Ondertussen was er hulp aan gekomen. Ze vuurden vanaf "Penneppen' om ons de 6 man te dekken. Zo konden wij kalm ons terug trekken.
De hulpsectie heeft nog verscheidene snipers neergelegd. In totaal ongeveer 6 dode  vijanden. Men zag ze ook met draagbaren sjouwen. Wietse zwikte ook zijn enkel en Wim merkte pas in het bivak dat hij lichte verwondingen had van mortierscherven in zijn borst en schouder. Dries heeft zich tijdens zijn vervoer zich taai gehouden en nog droog de kali over. In het bivak nog een bespreking gehad over de patrouille.  Dries is zwaar gewond. Een longschot. Maar de dokter gaf alle hoop.  Hij leeft nog.  Na het hospitaal zal hij wel naar Holland gaan.  Dat is het weer voor vandaag. 
 
Donderdag 10 oct’46
Vandaag veel gerust. Vanavond op wacht. Vijandelijk artillerie en mortieren hebben ons beschoten, maar alle treffers vielen naast het doel. Onze stads artillerie beantwoord het vuur. Een vijandelijke spion probeerde ons bivak te besluipen. 
De Vicker vuurde. Doch  na 1 schot ketste het wapen en die klooier ging piki djalan.
Het is tamelijk rumoerig vannacht geweest door de artillerie. Verder niets bijzonders. Had alleen veel slaap.
 
Vrijdag 11 Oct’46
Had tot vanmiddag 12.00h wacht en had nu mijn vrije dag. Maar had geen zin om naar de stad te gaan. We zitten momenteel met drie man in onze tent te schrijven. Wimpie is hier op bezoek. Hij schrijft naar Ria. Het is vanavond rustig. I finish my letter
 
Zaterdag 12 Oct.’46
Vanmorgen was er een mis in het kamp. De aalmoezenier gaat al die bivaks af. Ik ben ook naar de mis geweest. Daarna weer aan onze stellingen gewerkt. Daar zijn we de hele dag aan bezig geweest. Vanavond geschreven naar pater Touw. Zijn brief heb ik beantwoord. Das All. Morgen om 7.00 h  patrouille Pantjoe.  
 
Zondag 13 Oct.’46
Vanmorgen om 7.00h vertrokken naar punt 159. Het was al flink warm toen we het punt beklommen. De berg liep gemeen op en dat met de bren op de rug. Ik was munt toen ik boven was. Ik stelde de bren op in een oude extremistenstelling en zette mij naast de bren in de schaduw. Ik voelde mij niets lekker. Toen we na 1.5 uur weer op de terugweg gingen, heb ik de bren aan Adje mijn helper overgegeven. Onderweg nog verscheidene inheemsen in het niemandsland opgepikt die  daar rond stroopten. Bij thuiskomst in het bivak heb ik mij op de krib gelegd. Morgen 14 October 1 jaar geleden vertrokken uit Holland.   
 
Woensdag 16 October ‘46
Ik schrijf nu vanuit het bataljonsziekenzaaltje . Ze hebben mij maandagmiddag met de ambulancewagen naar Semarang gebracht. Ik had toen 40° Koorts en was zo ziek als een hond. Volgens zeggen had ik malaria, maar ik geloof dat niet. Want ik schijt mij leeg (dysenterie) water en bloed en heb een paar beroerde dagen gehad. Ben moe en slap. De wapenstilstand is een feit geworden. Ik ben benieuwd of het vechten nu is afgelopen. We zullen het maar afwachten.En ga eindigen want ik heb hoofdpijn. Ze komen  mij de  temp. Opnemen en moet de pin in het gat steken zoals ze hier zeggen. Temperatuur normaal. Vanavond  bij Jan de Graaf, sanitair soldaat of te wel de hospik wezen buurten. In Duitsland bij de Amerikanen ging ik wel eens met hem op stap. De avond is vlug omgegaan. Veel brieven gehad en kan nu veel schrijven nu ik hier lig.
 
Donderdag 17 Oct.’46
Vanmorgen 3 brieven geschreven. Verder geen nieuws. Rustig gehouden.
 
Zondag 20 Oct.’46
Mag het bataljonsziekenzaaltje verlaten. Ben vanmiddag naar de film geweest in de “Tijgerclub” en vanavond naar de “Rex” Daar werd  een mooie kleurenfilm gespeeld “Dive Bomber”, een pracht stuk. Moest wachten op de truck die mij en anderen naar het kamp terug bracht. Een week weggeweest uit het kamp. Alles was rustig in de tent en sliepen en snurkten.  
 
Woensdag 23 Oct.46
Van de arts 3 dagen vrij van dienst gehad. Kan ik weer wennen aan het bivak. Vanmiddag wat genaaid voor de jongens.
 
Donderdag 24 Oct.’46
Het vliegdekschip De “Karel Doorman” ligt op de rede van Semarang.
± 3 km uit de kust. We waren uitgenodigd door de marine of we mee wilden. Om 11.00h vertrokken we met de landingsboot en om 12.00h kwamen we op de ” Karel Doorman”. Het is maar een kaal ding. De brug op de zijkant van het schip. Hij is 18.000 ton groot en kan 25 vliegtuigen bergen. Ad Zijlmans, mijn neef uit de Made, die is matroos op het schip. Dat is een flinke knul geworden. Hij liet mij het schip zien. Het is jammer . De “Karel Doorman” vertrekt morgen naar Soerabaya anders konden ze ons kamp bezoeken. Ik kreeg 2 haringen. Om 14.30h werden we weer met de landingsboot weer in de haven gebracht. Om 17.00h weer in het kamp en toen gelijk op wacht.
 
Vrijdag 25 Oct.’46
Vandaag gewerkt voor de jongens. Broeken passend gemaakt .We kregen van de staf, het O.V.W. embleem voor op de mouw. Vanavond een film gehad van Sis Hopkins, een oudje.  
 
Zaterdag 26 Oct’46 (Flater)
Vandaag zo goed begonnen en zo slecht geëindigd. Vandaag de grootste stommiteit uitgehaald die een soldaat met twee dienstjaren kan uithalen. En die en kameraad bijna verwonde. We stonden opgesteld pelotons-gewijs voor wapeninspectie. 
De bren had ik gepoetst en we stonden op de appelplaats  nog wat gekheid aan het verkopen. Toen ik de onzalige gedachten kreeg dat ik vergeten was  om na het potsen de trekker af te trekken. Als veiligheidsmaatregel.
Maar in mijn stommiteit  had ik vergeten het volgeladen  brenmagazijn er af te halen. Ik was te vertrouwd met het wapen. Zo ook het gebeurde. Ik grendelde en trok af maar richtte als veiligheid naar de grond en paf, daar ging een schot af! Ik schrok me halfdood! Hoe dat op het moment kwam wist ik zelf niet. Van schrik stond ik te beven op mijn benen.  Ik had een collega vlak langs zijn kuit geschoten zodat zijn been wat verschroeid was van de mondingsvlam.  De luit kwam en zei:’rapporteer die man , adjudant”. Het was maar goed dat de kogel voor ons in de schuilkelder insloeg anders was het leed voor mij en een kameraad niet te overzien zijn geweest. Zo zie je een moment van onoplettendheid zou je bijna je je leven lang dat verweten hebben. Het verwonden van een kameraad door onoplettendheid. Ik was de hele morgen niets meer waard en schaamde mij voor de jongens om als oude soldaat om zo’n flater te maken. En kan er nog niet over uit dat mij dat gebeurde. Ik moest bij kapitein Maan komen, compie’s commandant en hij zag dat ik nog overstuur was en het gebeuren mij erg aantrok.
Hij beurde mij op en vergoelijkte mijn stommiteit en dat het meer een ongeluk was en mijn zelfvertrouwen weer terug zou krijgen. Ik had angst voor het wapen weer in handen te nemen. Hij sprak tegen mij als een vader tegen een zoon. Een pracht kerel is het. En ik kwam er zonder straf van ad ofschoon ik het verdiend had. Het is een goede les geweest voor mij en voor anderen. Hou je hersens bij elkaar.
Vandaag is kolonel de Langen geweest, Alle manschappen kregen een pluimpje vanwege de netheid en degelijkheid van ons bivak “pirewapa”. Vanmiddag nog gewerkt voor de jongens. Een dag van emoties.
 
Zondag 27 Oct.’46
Vanmorgen naar de kerk geweest. Daarna weer genaaid voor de jongens. De dominee heeft afscheid genomen. Hij moet met de anderen officieren naar Sumatra met de IJ-brigade. Misschien gaan wij ook wel, binnen niet al te lange tijd. Hij zei dat we voor verrassingen zouden komen te staan. Vanavond op wacht.
 
Maandag 28 oct’46
Bij de 3e coy is het de hele nacht erg onrustig geweest. Vele lichtfakkels gingen de lucht in en tegen daglicht is er een vijandelijke aanval op de 3e coy ondernomen. Ze zijn besschoten door mortiergranaten. Onze artillerie is ook nog in actie geweest en onze zware mitrailleurs hebben nog schoten gelost.. En dan noemt men wapenstilstand. Vanmiddag met verlof naar de stad geweest. Veel geld uitgegeven en nog niets hebben. Vanavond een prachtfilm gezien. Veel gelachen. Om 22.20h weer thuis.  
 
Dinsdag 29 Oct.’46
Vanmorgen om 04.30h gewekt door inslagen van mortiergranaten. 6 Stuks die vlak voor het bivak insloegen. “Alarm”. Allen naar de bunkstelling. Om 07.00h Alarm opgeheven. Verder alles rustig verlopen. Vanmorgen nog op de machine gewerkt. Vanmiddag patrouille naar punt 125. Fototoestel meegenomen,. Die rotte steile berg. Ik kwam bekaf boven, Ik hoop dat alle foto’s gelukt zijn. Na 1 ½ h geobserveerd te hebben, gingen wij in Zuid Westelijke richting observeren tot 18.00h. Om 17.30 h werden twee wilde zwijnen gezien. Penning schoot. Een treffer in het hart. Een pracht schot. Adje heeft hem de keel doorgesneden. De poten bij elkaar gebonden en terug naar het kamp. Halfweg kwam de auto ons halen en het varken. Tegen de schemer kwamen we  thuis. Er waren twee brieven voor mij vanavond van twee girls. Een schrijft me te gek. Ze begint al met liefhebbende en daar houd ik niet van. Ik zal haar liefde wat bekoelen door ijs op haar hart te leggen.  
 
Woensdag 30 Oct.’46
Vandaag de hele dag op de machine genaaid. Om 11.30h een kankeruurtje bij de adjudant ( het Peerd) Nu daar is wat gekankerd. Onze sectie op een paar man vrij van wacht. Verder geen bijzonderheden.
 
Donderdag 31 Oct’46  “Pirewapa”
Vannacht weer in de alarmstelling. Het bivak werd weer beschoten door machinegeweervuur en mortieren. 
Om 01.45h konden we inrukken op het 2e peloton na. Weg ons vrije nachtje. De Vickers en onze mortieren hebben het vuur beantwoord. Vanmorgen van 9 tot 12.00h post aan de ingang aan de weg. Vanmiddag  kregen we hoog bezoek. Er kwamen wel 10 a 15 jeeps begeleid door MP op de motoren. De adjud.Generaal begeleid door vele officieren bezocht ons kamp. Hij was zeer te spreken over ons bivak maar niet over het eten dat wij kregen. Trouwens daar heeft de kok een woordje over gesproken.
 
Vrijdag 1 nov.’46 Allerheiligen.
Ben vanmorgen naar de mis gegaan., Vandaag hebben we Zondagsdienst. Behalve de wacht en de patrouilles natuurlijk. Ik heb vandaag gewoon doorgewerkt door veranderwerk voor de jongens.. Vandaag zijn er veel bevordert naar soldaat 1e klas, korporaal en sergeant. Ook Sijen  Die heeft het met een bruine arm gekregen want voor korporaal deugt hij niet. Een zenuwpees. Alle jongens hadden er de pest over in. Hij is de jongste uit de sectie en een kontenkruiper met een grote mond die Jan en Alleman met zijn grote mond denkt te overbluffen. En de beste vriend van” het  Peerd”.  
 
Zaterdag 2 nov’46
Vandaag flink gewerkt. Lei Reuvers is onze sectie commandant( korporaal) geworden. De jongens hebben bij de compie’s commandant geklaagd. Lei is een oudere rustige man als onze korporaal. Vannacht hebben we wacht.  
 
Zondag 3 nov’46
Het is een rumoerige nacht geweest. Bij het 13 RI en bij de 4e coy. De reserve sectie moest om 24.00h ook in de alarmstelling. In het voorterrein werd overal met lampen geseind. We hadden vast een aanval verwacht.  
 
Maandag 4 nov’46
Vanmorgen geslapen tot 12.00h en om 13.00h weer op wacht, Ik heb nog een paar brieven geschreven.
 
Woensdag 6 Nov’46
Vannacht weer wacht gehad en vanmiddag naar de stad. Ik had eerst niet veel zin, maar liet me overhalen. Er werd een mooie film gespeeld “ Crash Dive” Over duikboten. Om 23.,00h weer terug in het bivak”Pirewapa”. Toen zeiden ze dat ik vannacht om 04.00h op patrouille moet. Om 03.00h worden we gewekt. Bah wat een rotzooi en het is niet eens onze beurt. Dat is net iets voor zo’n boer als Boumans.  
 
Donderdag 7 nov’46
Om 03.00h gewekt. In donker gegeten en om 04.00h gingen we het kamp uit. Het was verreks donker. Je voorman liep als een schim voor je ofschoon hij maar 1 tot 2 m voor je liep. Ik was bij de geweergroep ingedeeld. We moesten in  een hinderlaag gaan liggen halverwege punt 125 en eventuele vijand opvangen met onze  sectie.Ik had onderweg flinke maagkrampen en was aan de diaree. Eindelijk na veel in het donker kwamen we gelukkig op de plaats waar we moesten liggen en zocht  een plaatsje waar ik mijn ingewanden kon ontlasten. Ik had de jongens gewaarschuwd. He, he daar knapte ik van op.  Er vluchtte nog een vermoedelijk varken.  Hij ging er vandoor toen hij mij rook.  Het was te donker om hem te zien. Om 06.00h werd het licht en gingen wij op punt 125 in stelling. Ik maakte het me nu wat makkelijk. De bren in stelling gebracht. De rest van de sectie  wat verspreid. Ik zag verscheidene schepen in de verte liggen op de ree. De stad zelf konden we niet zien De zon werd warm en het werd wat nevelig. Er was niets bijzonders voorgevallen en kregen order weer terug te gaan. Ons werk weer gedaan en kwamen om 8.30h weer in ons bivak met veel honger Vanmiddag wat genaaid. Verder niets bijzonders.
 
Vrijdag 8 nov’46
Vanmorgen hebben die kloyo’s ons kamp met granaten bestookt ofschoon ze voor en naast ons bivak vielen. Er is niet veel terug gevuurd. Zo sparen we onze munitie.
 
Zaterdag 9 nov’46
Vandaag hard gewerkt op de broeken naaien. 2 Naalden gebroken en die zijn duur. Ik hoop dat ik ze in de stad kan kopen. De jongens hebben mijn oude brenstelling afgebroken. Hij wordt nu boven de grond gebouwd en met schietsleuf en van boven afgedekt met grond. Hebben dan misschien minder last van de fucking ratten. Vanavond  2 brieven gehad. Van Ria de laatste weken geen post gehad.
 
Zondag 10 nov.’46
Vandaag is het zondag en heb mij weer eens lekker geschoren. Dat doet je goed en vanmiddag komen er plenty womans en girls om te dansen.  Het is jammer dat ik er niet veel van kan, Het was toch een gezellige middag geworden. Een orkestje was ook meegekomen. Ik heb nog een paar borrels gedronken. Er waren er die te veel op hadden. Na de middag is het bezoek teruggebracht met de trucks. Het wordt tijd dat er weer eens wat gebeurd. Er werd vannacht wat verwacht. Maar alles is rustig gebleven. Nu ga ik naar bed. Ik heb die 2 brieven beantwoord. Nu maf ze.
Henny “   Pirewapa.
 
Maandag 11 nov.’46
Niets bijzonders
 
Dinsdag 12 nov’46
Vannacht wacht gehad.
 
Woensdag 13 nov’46
Vanmorgen om 03.00h opgestaan. O,m 04.00h vertrokken we met de truck. “Merdeka” onze hond is meegegaan met de 2e sectie. We zijn bij Djaraka bij het pakhuis uitgestapt. Het was nog behoorlijk donker. De kali overgestoken op weg naar punt 125 om te observeren. Onderweg liepen wilden varkens rond. Het zijn er veel. Er wonen geen mensen meer. Deze tocht heeft veel zweet gekost. Tot 8.00h op punt 125 gebleven en om 9.00h weer in ons bivak. Vandaag niet veel uitgevoerd. We kunnen ieder ogenblik vertrekken als de T.R.I. delegatie komt om Kalipantjoe te bezetten. De vrede tussen Nederland en Indonesië is bijna in kannen en kruiken. De republiek is erkend. Ik denk dat de Engelsen  daar achter zitten en Australiërs.
 
Donderdag 14 nov’46
Vandaag een rustige dag gehad. Vanavond op wacht. Het heeft de hele nacht gemiezerd. Ik heb met Wim S. een gezellige wacht gehad. Much getokkeld.   
 
Vrijdag 15 nov’46
Vanmorgen om 7.00h kwam ik af van de wacht. Willem Noske de violist gaf een concert met een pianist, maar ik had zo’n slaap, dat ik en paar uur ben gaan pitten. Vanmiddag naar de stad geweest. Heb machinenaalden gekocht en een aardige film in de tijgerclub gezien. Daarna Dries Timmermans in het hospitaal wezen opzoeken met de ganse bubs. Hij maakt het goed en was vol grappen zoals vroeger voor zijn zware verwonding. Het regent flink.
Om 17.00h zijn we terug gegaan  met  de truck. Er lagen nog 2 brieven voor mij.
Het is voor 2-6RI een zwarte dag geworden. 2 Onderofficieren en een luitn. Daaronder was de tolk Merling, die is zwaar gewond. Zijn been is geamputeerd en sergeant Wely, die pas hier getrouwd is, was op slag dood.
De luitenant zwaar gewond. En vannacht een patrouille van de stoottroepen, die in hinderlaag lagen bij de 4e coy die  schoten hun sergeant dood, omdat hij voor langs kwam i.p.v. achter de jongens. Ja , je moet maar pech hebben.  
 
Zaterdag 16 nov’46 “erewacht”
Vanmorgen moesten wij vroeg op, want wij waren de vuursectie. Wij moesten met 12 man de twee kisten dragen. Nadat de vuursectie een beetje vooroefening kreeg op de appelplaats, vertrokken we om 8.30h met een 3-tonner. Bij het N.I.S. gebouw moesten we ons opstellen. Ook een detachement rekruten van het KNIL was daar en van de ondersteuning compy. Om 9.30h vertrokken we naar het Juliana Hospitaal. Daar waren de familieleden en een erewacht opgesteld. De jonge pas getrouwde vrouw van de gesneuvelde majoor van Wely huilde erg. Het valt voor haar niet mee. Pas 14 dagen getrouwd en nu al gesneuveld. Wij, de kistdragers , liepen naar de lijkkamer.
6 Man voor van Wely en wij voor serg.Merling. De twee doden waren nog zwager ook van elkaar.
We moesten de twee kisten op 2 half trucks zetten. Wat was die kist zwaar, Er zaten geen handsvaten op, zodat de scherpe onderkant je in de handen sneed. Zo vertrokken we staande op de truck met de helm op. Achter ons kwam een hele rij auto’s. Het  nieuwe kerkhof ligt vlak bij het hoofdkwartier op een heuvel bij Tjandi. Het ziet er nog rommelig uit maar ze zijn er nog aan het werk. Toen we op de begraafplaats aankwamen  moesten we de kisten van de wagens afhalen en zo’n 200m naar de gedolven graven dragen. Ondertussen was de familie  ook de kuil genaderd. Er waren veel mensen en hoge autoriteiten aanwezig, ook de brigade commandant , kolonel de Lange. De kisten werden in de kuil gelaten en het commando “vuur” werd gegeven. De vele vrouwen die schrokken  van het salvo. Het doet pijn als je ziet hoeveel de familie heeft. Vooral de jonge vrouw, moet nu alleen verder. De Majoor sprak  nog een afscheidswoord tot de familieleden. Daarna nam ieder afscheid van de doden. Iedere militair salueerde voor onze gestorven kameraden. Daarna terug naar ons kamp. Ondertussen regende het pijpenstelen. We waren behoorlijk  nat geworden . 
Vanmiddag een beetje gewerkt en om 16.00h moest onze sectie plotseling er op uit.  Want in Kalipantjoer was een TRI patrouille gesignaleerd. Wij hoopten dat ze er nog waren dan kon mijn brennetje ook nog een woordje  mee spreken. Toen wij de kampongrand bereikt hadden, begon het te gieten. Wij gingen in linie door de kampong. Een paar mannen en vrouwen kwamen we tegen , die voedsel zochten in de verlaten kampong. Die zeiden dat pemoeda’s de kali al weer over waren. Wij zagen die kerels ook niet meer. We bleven wat schuilen onder een afdak tot het droog werd en gingen terug naar ons bivak. Vanavond nog aan mijn maskotje geprutst  ( een mini soldaatje )
Ik ga maffen.  slamat tidoer.
 
Maandag 17 nov’46
Brrrr, wat een weer natte moesson. Wat een weer, regen en onweer en modder. O, die plakmodder. Je loopt op hele kleiklompen. Zijn een half uur thuis van de patrouille. Om 16.00h weer een patrouille . We waren juist het bivak uit toen het weer begon te gieten. Ik heb gauw mijn gascape over mij en mijn brennetje gegooid. Hoofdzaak dat die droog blijft. Dat ik nat word is niet zo erg. We gingen naar Wringintoeloe. Onderwijl bliksemde en donderslagen dat het horen en zien je verging. Het daverde tussen die heuvels. De modder en klei zogen je vast. Je kwam de heuvels bijna niet op. Driemaal de kali over gestoken tot heuphoogte en die stroming van de rivier gooide je van de been. Om 18.00h kwamen in Kalipantjoer. Daar moesten we tot 19.30 h blijven liggen Het was ondertussen opgehouden te regenen. We rookten voor het donker werd nog een sigaret. Mijn lucifers waren kletsnat geworden. Merdeka en nog een hond van ons, zijn de hele patrouille voor de  1e verkenner uitgelopen.
De arme honden waren kletsnat en rilden van de kou net als wij natte zandhazen. Om 19.30h vertrokken we. Het was stikken donker geworden. Op 1 meter afstand zag je de man voor je niet meer. Ik ben een paar maal tegen Wim S. aangebotst. Je struikelde over takken of tegen een boom op. Niets zeggen, gewoon doorlopen.  Je vloekte in je eigen. Klets, daar lag ik op mijn knieën in de modder. Onderwijl was het weer gaan gieten. Plotseling een felle bliksemflits en een daverde slag. Ingeslagen. Het leek wel of er een granaat vlak naast je ontplofte. Na vele slp en glijpartijen kwamen we vuil, nat en gemodderd in ons bivak aan. Die kamplichten deden ons als een oase in de woestijn lijken. Het was 20.30h. Vlug gegeten en nog wat gewassen. Brennetje gepoetst. Vlug het ergste schoongemaakt. Nu Finish. Ik ga slapen.  
 
Dinsdag 19 nov. 46
Vanmorgen van de wacht gekomen, Daarna Engelse les van luitn. Maan, Had vanmiddag verlof, maar ben thuis gebleven. Had niet veel zin om weg te gaan. Verder niets bijzonders. Ik heb van de week nog geen post gekregen. Ik hoop dat ik morgen wat krijg.
 
Donderdag 21 nov’46
Vanmorgen vroeg is de 1e sectie op patrouille geweest. Om 9.00h Engelse les. Daarna op een broek nieuwe zakken gezet, De TRI heeft nog geschoten  met mortieren en artillerie. Om 18.00h beschoot onze artillerie hun stellingen. De granaten suisden over ons heen. De jongens zijn in het kamp de paden met kiezels aan het verharden. Minder last van de modder en slik. Het regent nu iedere avond en onweert het. I finish this letter. Morgen om 7.00h wacht in de stelling.
 
Zaterdag 23 nov.’46
Vanmiddag met verlof naar de stad geweest. Er is nog een bataljon dienstplichtigen aangekomen van 7R.I. Vanavond nog naar de film geweest van George Formey. Het was een aardig ding. Gisteravond nog een brief van Ralph Voecks gekregen.
 
Dinsdag 26 nov.’46
Ik ben de laatste dagen aan de diarree. Vandaag flink gewerkt. Vannacht is er nog een aanval geweest door de TRI, Onze artillerie heeft het vuur beantwoord. Ik hoef vanavond niet op wacht en heb lichte dienst. Twee brieven gehad. Gerard en Jose gaan zich met de kerstmis verloven.
 
Vrijdag 29 nov’46
Ik voel me nog steeds niet in orde en heb een paar dagen lichte dienst. Ben vanmorgen naar de hospik geweest. Die zei:” ik zou proberen om mee op patrouille te gaan.” Ik kon meegaan als brenhelper. Het was een lange zware tocht. Op een heuveltop die we juist beklommen hadden, kreeg ik weer krampen en moest overgeven. We hebben een uur boven gelegen en konden de stellingen van de TRI zien liggen en we zagen ze lopen met het blote oog op ± 1000 meter. 
Toen we weer vertrokken , heb ik de brentassen overgegeven. Daarna  de kali voor de  4e keer overgestoken. Er stond een sterke stroming. Ik kon naar bivak alleen terug gaan van het “Peerd”, maar heb  het toch volgehouden. Ik was blij dat we naar Kalipantjoer weer naar ons bivak terug gingen. Ik was hondsberoerd. Ben in de krib gaan liggen. Heb weer moeten overgeven. Daarna nog ettelijke keren. Om  19.00h weer naar bed gaan slapen.  Hopelijk voel ik mij morgen wat beter. Maf ze.

                                                                                                                                                                             

                  Henny van Oosterhout , 2-2-6RI

             < naar verhalen  /  < naar index