Uit mijn lange geheugen deel 2 

 
 
1945 Geschiedkundig een bewogen jaar.  Einde van de oorlog in Europa met Duitsland.
Enkele maanden later einde van de oorlog in Azië met Japan  en de reďncarnatie van 2-6 RI.
 
We waren enige tijd met een  naamloze groep ingedeeld bij de Canadezen in Duitsland. Het zal einde mei of begin juni zijn geweest toen we met onze groep naar Frankrijk werden overgeplaatst. Er waren ook groepen bijgekomen uit Brabant. Ze wilden echte soldaten van ons maken.
 
In Frankrijk werden we gelegerd in een oude kazerne in het dorpje Fournes  Met onze groep, voornamelijk Limburgers en Brabanders vormden we samen de eerste compagnie van 2-6RI. Het dorpje Fournes lag circa 50 km ten oosten van Lille. Een eind verder lag nog een dorpje, waarvan ik de naam niet meer weet, mogelijk behoorde het bij Fournes.
 
Er stond een kroeg waar het erg gezellig was. Er was altijd stemmige accordeonmuziek. Het kazerne-terrein bestond uit zwart aangewalst kolengruis. Het was erg stoffig.  Hierop kregen we exercitie. Draaien als een drol in de bekende pot, linksom, rechtsom, voorwaarts en halt. Ik geloof dat het noemde: de basis van de discipline. S’avonds had je, om in militaire termen te spreken, allemaal zwarte poten van het kolenstof.langs de kazernemuur was een zinken bak bevestigd van circa tien meter lang en een vijftien tal kranen erboven. Daar kon je dan je voeten en andere privé delen wassen.
 
Onze groep werd, zoals ik reeds zei, tot de eerste compagnie gevormd . Volgens mij was daar ook een Hagenaar bij, Stockman genoemd. Over hem gaat dit verhaal.
Stockman was bepaald niet groot van stuk. Had blonde krulletjes en een te grote uniformbroek, waarvan voorla de achterzijde te groot was. Voor een Hagenaar was het leuke vent. Als hij vrolijk was en dat was hij altijd, zong hij doorlopend een somber Frans liedje. Het klonk voor mij zo:
Il pluerait comme une fontain,
Il pluerait, pluerait, pluerait,
Il pluerait comme une Madelaine,
Il pluerait, pluerait toujour,
 
Volgens de vertaling van Stockman ging het over iemand die huilde als een fontein. Hij huilde om ene Madelaine en huilde altijd maar door.
 
Op een zekere dag kregen we brengun instructie.Stockman moest achter de bren gaan liggen en denkbeeldig schieten op de vijand. Op een gegeven ogenblik roept de sergeant instructeur:”Stockman, mankement 2”.Het wapen moest uit elkaar gehaald worden en zo spoedig mogelijk weer in gereedheid worden gebracht. Dit lukte Stockman echter niet. De sergeant sprak weer: Stockman, de vijand is op honderd meter”. Grote zweetdruppels parelden op Stockmans voorhoofd.  Hij ploeterde  voort om het wapen weer in gereedheid te brengen. Opnieuw sprak de sergeant: “Stockman, de vijand is op vijftig meter”. Wat Stockman ook deed, het lukte hem maar niet de bren op orde te brengen. Toen de sergeant weer Stockman riep, sprong Stockman overeind , stak zijn handen in de lucht en riep:”sergeant , ik geef mij over, de vijand is hier”.
 
Wie de brengun naderhand in elkaar heeft gezet weet ik niet meer, misschien weet Stockman het nog. En misschien ook nog wel dat hij op Malakka voor straf een diepe kuil moest  graven.
 
In opvolging van dit verhaal vraagt Pierre Giesen zich af, waar Stockman is gebleven. Wie weet meer  te vertellen over Stockman, Bij het secretariaat zijn naast de gegevens Soestdijksekade 669, Den haag, geen nadere gegevens over hem bekend dan dat Stockman met jullie is terug gekomen met de Johan van Oldenbarnevelt.
Reacties naar secretariaat of sobat Pierre Giesen.
   
 
                                                                           Jullie Sobat,
                                                                                                                                   Pierre Giesen.